Gordelgrasvink

gordelgrasvink

De gordelgrasvink (Poephila cincta) is een klein vogeltje uit de familie prachtvinken (Estrildidae) uit Oost-AustraliŽ, Queensland en Nieuw-Zuid-Wales. Hij lijkt veel op de spitsstaartamadine, maar hij heeft een veel kortere staart. Het kopje is van boven grijs met een zwarte keel- en borstvlek (bef), die bij het mannetje iets breder is dan bij het vrouwtje. De vleugels zijn bruin, borst en buik roze-bruin. De snavel van de gordelgrasvink is zwart. De staartwortel is wit en de staart zelf zwart. Zijn totale lengte, van kop tot puntje van de staart, is 10 - 11 centimeter.

Verzorging

Deze vogel kan in Nederland gehouden worden in een flinke kooi of voliŤre, maar moet 's winters in een vorstvrije ruimte kunnen verblijven. Zijn voedsel bestaat uit een zaadmengsel voor vinken, groenvoer en levende miereneieren. Vanzelfsprekend is scherpe maagkiezel en grit noodzakelijk voor de vertering van de zaden. Vers drinkwater mag uiteraard nooit ontbreken.

Trivia

De gordelgrasvink is een pittig vogeltje, dat toch goed met andere soorten zoals het zilverbekje en het Japanse meeuwtje in dezelfde kooi gehouden kan worden. Er is een geval bekend dat een mannetjes-gordelgrasvink samen met een broeds zilverbekvrouwtje ondergeschoven eieren uitbroedde. Later moest het jonge mannetje, dat uit een van de eieren was gekomen wel tegen zijn jaloerse pleegvader "beschermd" worden, om niet helemaal doodgepikt te worden.